Leerlingen weer plezier laten ervaren in lezen

39 procent van de Nederlandse 15-jarigen zit volgens de nieuwe PISA 2025-resultaten onder het minimale vaardigheidsniveau voor lezen. In 2022 was dat nog bijna een derde. De nieuwe cijfers laten opnieuw zien dat de leesvaardigheid van Nederlandse leerlingen onder druk staat. Dat roept een belangrijke vraag op: wat kunnen we in de praktijk doen om het tij te keren?

Een recente reportage van Nieuwsuur van NOS laat een mooi voorbeeld zien van een school die hiermee aan de slag gaat. Op het Ir. Lely Lyceum in Amsterdam-Zuidoost experimenteert docent Rajâa Ourchane met klassikaal voorlezen, waarbij leerlingen meelezen. Met deze aanpak wil zij leerlingen opnieuw plezier laten ervaren in lezen.

Van een veelbelovende aanpak naar samen leren wat werkt

De aanpak van Ourchane laat zien hoe een concrete vraag uit de onderwijspraktijk kan leiden tot experimenteren en verbeteren. Maar een aanpak die in één klas goed lijkt te werken, is niet automatisch overal toepasbaar.

Daarom zijn juist de vragen achter de aanpak interessant. Wat maakt deze manier van werken succesvol? Voor welke leerlingen werkt het? Welke elementen maken het verschil? En onder welke voorwaarden kan een aanpak ook op andere scholen bijdragen aan beter leesonderwijs?

Om die vragen te beantwoorden, is het belangrijk om ervaringen uit de onderwijspraktijk te verbinden met wat we weten uit onderzoek. Door samen te onderzoeken, uit te proberen en te evalueren, kunnen onderwijsprofessionals steeds beter zicht krijgen op wat werkt – en waarom.


De kracht van praktijk en onderzoek

Dat is precies de beweging die het TaalLab van Education Lab Netherlands binnen Ontwikkelkracht wil versterken. In het TaalLab werken onderwijsprofessionals en onderzoekers samen aan actuele vraagstukken rondom taalonderwijs. Praktijkvragen vormen daarbij het vertrekpunt. Kennis uit onderzoek helpt vervolgens om nieuwe aanpakken onderbouwd te ontwikkelen, uit te proberen en verder te verbeteren.

De PISA-resultaten laten zien waar we staan. De praktijk laat zien waar we kunnen beginnen. Door die twee met elkaar te verbinden, kunnen we steeds beter ontdekken wat werkt om leerlingen beter én met meer plezier te leren lezen.